Wanneer is een B.V. voordeliger dan eenmanszaak?

Vanaf welke winst loont een B.V.? Fiscale breukpunten, DGA-salaris (€58.000 in 2026) en VPB-tarieven in één overzicht, met rekenvoorbeeld bij €150.000 winst.

Hussain Hussain

Fiscalist · Ex-EY & Deloitte

Bijgewerkt 28 oktober 2026

Een B.V. is fiscaal voordeliger dan een eenmanszaak zodra je winst structureel rond of boven de €80.000 uitkomt én je niet de volledige winst direct als privéinkomen nodig hebt. Boven de €150.000 is de B.V. vrijwel altijd voordeliger, ongeacht je dividendstrategie. Het omslagpunt is geen vast getal; het hangt af van je opnamebehoefte.

De vraag "wanneer wordt een B.V. fiscaal voordeliger dan een eenmanszaak?" is de meest gestelde vraag op ons kantoor. Het antwoord is geen magisch getal: het hangt af van je winst, je persoonlijke situatie en hoeveel je daadwerkelijk uit de onderneming nodig hebt. Toch zijn er duidelijke fiscale breukpunten die als kompas dienen.

Dit artikel legt de rekenlogica bloot: welke tarieven gelden er, hoe werkt het DGA-salaris, en bij welke winst is de belastingdruk in een B.V. structureel lager dan in de IB-sfeer.

De belastingdruk in een eenmanszaak

Als eenmanszaak valt je winst in box 1 van de inkomstenbelasting. Het toptarief bedraagt 49,50% over het inkomen boven €78.426 (2026).⁵ Daar komen aftrekposten tegenover.

Zelfstandigenaftrek: Voor ondernemers die voldoen aan het urencriterium (minimaal 1.225 uur per jaar) geldt de zelfstandigenaftrek.² In 2026 bedraagt deze aftrek nog slechts €1.200, een scherpe daling ten opzichte van eerdere jaren door de gefaseerde afbouw richting €900 in 2027.

MKB-winstvrijstelling: Na toepassing van de ondernemersaftrek mag je nog 12,7% van de resterende winst aftrekken als MKB-winstvrijstelling.³ Deze vrijstelling kent geen urencriterium en geldt dus voor alle IB-ondernemers.

In de praktijk betaal je als eenmanszaak bij een winst van €150.000 effectief een gecombineerd belastingtarief (IB + premies volksverzekeringen) van ruwweg 45–49%, afhankelijk van persoonlijke aftrekposten.

Vuistregel: Rond de €80.000 winst begint de belastingdruk in de eenmanszaak te knellen; daarboven wordt de B.V. steeds interessanter. De vraag is dan: kan de B.V.-structuur dit beter doen?

De belastingdruk in een B.V.

In een B.V. verloopt de belastingheffing in twee lagen.

Laag 1: Vennootschapsbelasting (VPB): De B.V. betaalt VPB over haar belastbare winst. Het tarief bedraagt 19% over de eerste €200.000 en 25,8% over het meerdere (2026).⁴ Dit zijn aanzienlijk lagere tarieven dan het toptarief in box 1. Hoe de belastbare winst van de B.V. wordt berekend, lees je in ons artikel over de vennootschapsbelasting in 2026.

Laag 2: Box 2 bij uitkering: Zodra je als DGA (directeur-grootaandeelhouder) dividend uitkeert, betaal je box 2-heffing. Het tarief in box 2 bedraagt 24,5% over dividenden tot €68.843 en 31% over het meerdere (2026).⁷ De dividendbelasting van 15% die de B.V. inhoudt, vormt een voorheffing op de box 2-heffing en wordt verrekend.¹²

Gecombineerde druk: De combinatie VPB + box 2 resulteert bij winst tot €200.000 in een gecombineerde druk van circa 38,8% (19% VPB + (100% – 19%) × 24,5%). Boven €200.000 stijgt dit naar circa 48,8% in de hoge schijf. Dat is nog steeds lager dan het IB-toptarief van 49,50%, maar het verschil is genuanceerder dan veel ondernemers denken, met name doordat je in een B.V. ook een salaris moet opnemen.

Het DGA-salaris: de joker in de berekening

Een DGA die meer dan 5% van de aandelen bezit en arbeid verricht voor zijn B.V. is verplicht zichzelf een gebruikelijk loon toe te kennen.⁸ De fiscale norm voor 2026 is het hoogste van:

  1. 75% van het salaris uit de meest vergelijkbare dienstbetrekking
  2. Het salaris van de meestverdienende werknemer binnen de B.V. of een verbonden vennootschap
  3. €58.000 (het wettelijke minimumsalaris voor de gebruikelijkloonregeling, 2026)⁹

Dit salaris valt in box 1 en wordt belast tegen de reguliere IB-tarieven. Dat is de reden waarom de B.V. niet voor iedereen direct een voordeel biedt: je bent verplicht een bedrag uit de B.V. te halen dat alvast belast wordt tegen IB-tarieven.

Vuistregel: Stel je DGA-salaris zo laag mogelijk in (op het gebruikelijk loon-minimum) en laat de rest van de winst zo lang mogelijk in de B.V. renderen. Pas als je cash nodig hebt, keer je dividend uit. Dit uitstel van box 2-heffing is een van de kernvoordelen van de B.V.

Rekenvoorbeeld: €150.000 winst, eenmanszaak versus B.V.

Ondernemer Tariq heeft een eenmanszaak met een fiscale winst van €150.000. Hij is alleenstaand, heeft geen andere inkomsten, en wil het maximale in zijn eigen zak steken.

Situatie A: Eenmanszaak (2026)

PostBedrag
Fiscale winst€150.000
Af: zelfstandigenaftrek–€1.200
Af: MKB-winstvrijstelling (12,7% × €148.800)–€18.898
Belastbaar inkomen box 1€129.902
Inkomstenbelasting en premies volksverzekeringen, na heffingskortingen–€56.633
Inkomensafhankelijke bijdrage Zvw (4,85% tot het maximum)–€3.851
Netto overhouden€89.515

Effectieve druk: ~40,3% over de brutowinst van €150.000.

Situatie B: B.V., salaris €58.000 + dividend (2026)

De B.V. maakt €150.000 winst. Tariq neemt een DGA-salaris van €58.000 (het minimum). De B.V. trekt dit salaris af als kosten.

PostBedrag
Winst vóór salaris€150.000
Af: DGA-salaris–€58.000
Belastbare winst B.V.€92.000
VPB 19%–€17.480
Netto winst na VPB€74.520

Tariq keert het volledige resterende bedrag (€74.520) als dividend uit:

PostBedrag
Dividend€74.520
Box 2 t/m €68.843 (24,5%)–€16.866
Box 2 over €5.677 (31%)–€1.760
Netto dividend na box 2€55.894

Over het DGA-salaris van €58.000 betaalt Tariq €16.204 inkomstenbelasting en €2.813 Zvw-bijdrage. In die €16.204 zit een effect dat vaak wordt gemist: het dividend telt mee in zijn verzamelinkomen, waardoor de algemene heffingskorting €1.307 lager uitvalt dan bij salaris alleen. Netto salaris: €38.983.

Totaal netto in handen: €38.983 + €55.894 = €94.877

Effectieve druk: ~36,7% over brutowinst van €150.000.

Bij €150.000 winst wint de B.V. al, óók als Tariq alles direct opneemt: de eenmanszaak levert hem €89.515 netto op, de B.V. €94.877, een voordeel van ruim €5.300. En dat voordeel loopt sterk op zodra Tariq niet alles direct nodig heeft en de winst in de B.V. laat staan.

Deze bedragen rekent de omzettingscalculator met hetzelfde model: box 1 met heffingskortingen en de tariefsaanpassing voor ondernemersaftrekken, Zvw, VPB en box 2.

De kracht van uitstel: winst laten staan in de B.V.

Als Tariq het dividend-moment uitstelt, is de netto-winst ná VPB (€74.520) volledig beschikbaar voor herinvestering of vermogensopbouw, zonder dat hij eerst 24,5–31% box 2 betaalt. Dit liquiditeitsvoordeel telt zwaar mee over meerdere jaren.

Bij een winst van €200.000 of hoger telt het VPB-voordeel zwaarder omdat de marge tussen het IB-toptarief (49,50%) en de VPB (19–25,8%) groter is, en de gedwongen opname via het DGA-salaris een kleiner deel van de totale winst beslaat.

Vuistregel: De B.V. is eerder fiscaal voordeliger naarmate je winst hoger is en je meer winst in de onderneming kunt laten staan voor langere tijd. Onder de €80.000 winst is de B.V. zelden voordelig; daarboven kantelt het, zeker als je winst kunt laten renderen.

Het omslagpunt per winstniveau: de tabel

Hoe hoger de winst, hoe groter het verschil tussen het IB-toptarief (49,50%) en de VPB (19–25,8%), en hoe kleiner het relatieve gewicht van het verplichte DGA-salaris. De tabel zet de eenmanszaak naast de B.V. waarin je alles direct opneemt, dus de voor de B.V. minst gunstige situatie.

JaarwinstEenmanszaak nettoB.V. netto (salaris €58.000, rest als dividend)Verschil
€80.000€55.402€52.604–€2.798
€100.000€64.023€64.668+€645
€125.000€76.213€79.957+€3.744
€150.000€89.515€94.877+€5.362
€200.000€117.150€122.822+€5.672
€250.000€144.785€150.767+€5.982

Aannamen: alleenstaand, geen andere inkomsten of aftrekposten, urencriterium gehaald, DGA-salaris €58.000, alle winst na VPB direct als dividend uitgekeerd, tarieven 2026. Bron: het rekenmodel van de omzettingscalculator.

Bij volledig uitkeren is het verschil bij de lagere winsten klein of zelfs negatief, en te klein om de extra kosten van een B.V. (jaarrekening, loonadministratie) te dekken. Laat je een deel van de winst in de B.V. staan, dan ligt het omslagpunt lager: rond de €80.000 winst, soms eerder. Boven de €150.000 is de B.V. vrijwel altijd voordeliger.

Wat betekent dit als zzp'er op uurtarief?

Als zzp'er denk je in uurtarief, maar de fiscus belast winst na kosten. Een tarief van €95 bij 30 declarabele uren per week en 46 werkweken geeft een omzet van €131.100; na €6.000 kosten blijft er €125.100 winst over. Die winst valt in box 1, mits je als ondernemer kwalificeert in de zin van art. 3.4 Wet IB 2001.¹⁵ Voor de zelfstandigenaftrek moet je daarnaast het urencriterium van 1.225 uur halen.¹⁶ De volledige vertaling van tarief naar winst, met twee doorgerekende scenario's, staat in ons artikel over het uurtarief van een zzp'er en de B.V.-drempel. Wat er verder verandert als je als zzp'er een B.V. opricht, van je opdrachtgevers tot schijnzelfstandigheid, lees je op de pagina zzp naar bv.

Vuistregel: Twee zzp'ers met hetzelfde uurtarief kunnen een heel andere uitkomst hebben. Reken altijd vanuit je winst na kosten, niet vanuit je tarief of je omzet.

Andere voordelen van de B.V. die niet in de breukpuntberekening zitten

Puur fiscaal rekenen geeft een onvolledig beeld. Drie additionele voordelen verdienen vermelding:

1. Aansprakelijkheid: De B.V. is een rechtspersoon.¹⁴ Schulden van de B.V. zijn in beginsel geen schulden van de aandeelhouder-DGA. Bij een eenmanszaak is de ondernemer privé aansprakelijk voor alle ondernemingsschulden. Dit juridische voordeel weegt voor veel ondernemers zwaar, los van de fiscale uitkomst.

2. Pensioenopbouw en vermogensopbouw in de B.V.: De winst die in de B.V. blijft, kan worden ingezet als pensioenkapitaal of herbelegd worden in andere activiteiten. De B.V. fungeert als een soort fiscaal afstelventiel: je bepaalt zelf wanneer je belasting betaalt (bij uitkering). Dit kan over een looptijd van 10–20 jaar een substantieel verschil maken. Hoe dat voor een zzp'er uitpakt, lees je in ons artikel over pensioen opbouwen als zzp'er via je eigen B.V..

3. Holdingstructuur en pensioen-BV: Wie meerdere activiteiten heeft of wil splitsen (operationele B.V. + holdingmaatschappij), heeft een grotere fiscale flexibiliteit. Winst kan belastingvrij worden doorgeschoven naar de holding via de deelnemingsvrijstelling (art. 13 Wet VPB 1969).

De geruisloze inbreng: zo zet je om zonder directe belastingheffing

De overstap van eenmanszaak naar B.V. hoeft niet te leiden tot een afrekening over de stille reserves. Artikel 3.65 Wet IB 2001 regelt de geruisloze omzetting: de eenmanszaak wordt ingebracht in de B.V. tegen uitreiking van aandelen, en de fiscale claim op de stille reserves en goodwill schuift door naar de B.V.¹³

Dat is een aanzienlijk voordeel. Wie een eenmanszaak met goodwill of opgebouwde reserves heeft, zou bij een ruisende inbreng direct moeten afrekenen over die meerwaarde. Bij de geruisloze variant betaal je pas belasting op het moment van daadwerkelijke realisatie (verkoop, liquidatie).

Lees hier meer over in ons volledige artikel over geruisloze inbreng stap voor stap.

Wanneer is de B.V. de betere keuze?

Op basis van de fiscale logica hierboven zijn er vier signalen dat de omzetting naar een B.V. serieus in overweging moet worden genomen:

  1. Je fiscale winst ligt structureel rond of boven de €80.000, bij lagere winsten weegt het DGA-minimumsalaris relatief zwaar en is het voordeel minimaal of negatief.
  2. Je hebt de volledige winst niet direct nodig als inkomen, hoe meer winst je in de B.V. kunt laten staan, hoe groter het rentevoordeel van uitstelbelasting.
  3. Je wil jezelf beschermen tegen privé-aansprakelijkheid, dit heeft niets met belasting te maken, maar is voor veel ondernemers doorslaggevend.
  4. Je verwacht de onderneming ooit te verkopen, de verkoop van aandelen in een B.V. kan onder voorwaarden zijn vrijgesteld via de deelnemingsvrijstelling (voor holdingstructuren), terwijl de verkoop van een eenmanszaak direct belast is als stakingswinst.

Vuistregel: Zit je structureel rond of boven de €80.000 winst en heb je niet meer dan 60–70% van die winst nodig als privé-inkomen, dan is de B.V. op middellange termijn vrijwel altijd voordeliger; boven €150.000 winst geldt dat vrijwel zonder uitzondering.

Ga je een huis kopen, kijk dan ook hoe een geldverstrekker je inkomen als DGA beoordeelt in ons artikel over een hypotheek als DGA van je eigen B.V..

Conclusie

De B.V. is geen automatisch voordeel: de tarieven gaan pas echt voor je werken zodra je winst rond of boven de €80.000 ligt en je bereid bent de spelregels van het DGA-salaris en dividend te volgen. Wie alles direct opneemt, heeft nauwelijks voordeel ten opzichte van de eenmanszaak. Wie slim gebruikmaakt van het uitstel-effect en de lage VPB-tarieven, bouwt op termijn aanzienlijk meer vermogen op.

De berekening is persoonlijk: het optimale moment hangt af van je winst, je privébestedingen, je opgebouwde reserves en je exitplannen. Bekijk ook onze vergelijking van de eenmanszaak versus B.V. voor een compleet overzicht van alle voor- en nadelen. Wil je weten wat de omzetting eenmalig kost? Lees ons overzicht van de kosten van de omzetting eenmanszaak naar B.V.. Voor de DGA-salariseisen in 2026 lees je verder in ons artikel over het DGA-salaris en de gebruikelijkloonregeling.

Wil je weten wat de omzetting voor jouw specifieke situatie oplevert? Plan een vrijblijvend gesprek met Hussain of Adal; zij rekenen de belastingbesparing gratis voor je door.


Bronnen15
  1. 01Wet inkomstenbelasting 2001, art. 3.8: Definitie winst uit onderneming
  2. 02Wet inkomstenbelasting 2001, art. 3.76: Zelfstandigenaftrek
  3. 03Wet inkomstenbelasting 2001, art. 3.79a: MKB-winstvrijstelling
  4. 04Wet vennootschapsbelasting 1969, art. 22: Tarieven vennootschapsbelasting
  5. 05Wet inkomstenbelasting 2001, art. 2.10: Tarieven box 1 (inkomstenbelasting)
  6. 06Wet inkomstenbelasting 2001, art. 4.6: Aanmerkelijk belang (box 2)
  7. 07Wet inkomstenbelasting 2001, art. 4.12: Inkomsten uit aanmerkelijk belang
  8. 08Wet op de loonbelasting 1964, art. 12a: Gebruikelijk loon DGA
  9. 09Wet op de loonbelasting 1964, art. 12a: Gebruikelijk loon norm
  10. 11Belastingdienst.nl: Vennootschapsbelasting: tarieven, geraadpleegd juni 2026
  11. 12Wet op de dividendbelasting 1965, art. 1 en 7: Dividendbelasting als voorheffing
  12. 13Wet inkomstenbelasting 2001, art. 3.65: Geruisloze omzetting eenmanszaak naar B.V.
  13. 14Burgerlijk Wetboek Boek 2, art. 175: Besloten vennootschap: rechtspersoon
  14. 15Wet inkomstenbelasting 2001, art. 3.4: Begrip ondernemer voor de inkomstenbelasting
  15. 16Wet inkomstenbelasting 2001, art. 3.6: Urencriterium

Gratis adviesgesprek

Vragen over dit onderwerp?

Plan een vrijblijvend gesprek met onze fiscalisten.

Plan een gesprek