Veel zzp'ers die een B.V. oprichten, denken dat zij hun eenmanszaak daarna moeten sluiten. Dat klopt niet. Je mag als ondernemer een eenmanszaak en een B.V. tegelijk aanhouden — maar er zijn fiscale, administratieve en strategische regels waar je rekening mee moet houden. Dit artikel legt uit hoe die combinatie werkt, wanneer ze zinvol is, en wat de valkuilen zijn.
Mag het überhaupt: eenmanszaak én B.V. tegelijkertijd?
Ja — er is geen wettelijke bepaling die een combinatie van een eenmanszaak en een B.V. verbiedt. De twee rechtsvormen zijn juridisch volledig onafhankelijk van elkaar.¹⁴ Je kunt als natuurlijk persoon een eenmanszaak inschrijven bij de KvK én tegelijkertijd directeur-grootaandeelhouder (DGA) zijn van een besloten vennootschap.¹⁷ Beide ondernemingen staan afzonderlijk ingeschreven en drijven afzonderlijke activiteiten.
De eenmanszaak is geen rechtspersoon: jij bent de onderneming, jij bent aansprakelijk, en de winst valt in jouw belastingaangifte onder box 1 als winst uit onderneming.⁸ De B.V. is een zelfstandige rechtspersoon: zij heeft eigen vermogen, een eigen belastingplicht voor de vennootschapsbelasting, en uitkeringen aan jou als aandeelhouder worden belast in box 2.¹¹
Het kan dus — maar het mág niet altijd fiscaal neutraal zijn. De twee structuren beïnvloeden elkaar op een aantal punten die je goed moet begrijpen voordat je ze combineert.
Wanneer is de combinatie zinvol?
De combinatie van een eenmanszaak naast een B.V. is niet voor iedereen relevant, maar er zijn situaties waarin ze praktisch en fiscaal logisch is.
Situatie 1: Je richt een B.V. op voor nieuwe activiteiten. Je hebt een bestaande eenmanszaak met lopende klanten, contracten en verplichtingen, en je start daarnaast een nieuwe activiteit in een B.V. — bijvoorbeeld een software-product, een vastgoedvehikel of een investeringsholding. De eenmanszaak blijft bestaan voor de bestaande activiteiten; de B.V. is het vehikel voor de nieuwe.
Situatie 2: Gefaseerde omzetting. Je bent bezig de eenmanszaak om te zetten naar een B.V. via een geruisloze inbreng (art. 3.65 Wet IB 2001), maar de formele overdracht loopt nog.⁷ Tijdens de omzettingsperiode bestaan beide entiteiten tijdelijk naast elkaar.
Situatie 3: Bewuste activiteitensplitsing. Je voert twee wezenlijk verschillende activiteiten uit. Eén activiteit — met lager winstvolume of hogere ondernemersrisico's — houd je in de eenmanszaak. De andere — met structureel hogere winst en vermogensopbouwdoelstelling — zet je in de B.V.
Situatie 4: Lage winst in eenmanszaak, B.V. als holdingvehikel. Je bent DGA van een B.V. die voor klanten werkt, maar hebt naast je DGA-werkzaamheden een kleine persoonlijke nevenactiviteit — bijvoorbeeld freelance schrijfwerk, kunstverkoop of een hobbyachtige dienst — waarvoor een eenmanszaak administratief eenvoudiger is dan aparte B.V.-activiteiten.
De fiscale gevolgen: wat wordt waar belast?
Dit is de kern van het verhaal. Twee ondernemingen betekent twee fiscale regimes die naast elkaar lopen.
Eenmanszaak: winst in box 1
De winst uit je eenmanszaak valt in box 1 als winst uit onderneming.⁸ Je betaalt daarover inkomstenbelasting: 36,97% over de eerste €38.441 en 49,50% over het meerdere (tarieven 2025).⁹ Je mag de ondernemersfaciliteiten toepassen als je voldoet aan het urencriterium: minimaal 1.225 uur per jaar besteed aan de onderneming.³ Die faciliteiten zijn:
- Zelfstandigenaftrek: in 2025 €2.470 (dit bedrag wordt jaarlijks verder afgebouwd richting €900 in 2027).⁴ ²³
- MKB-winstvrijstelling: 13,31% vrijstelling over de belastbare winst na ondernemersfaciliteiten.¹ (Dit geldt ook zonder urencriterium.)
- Startersaftrek: voor de eerste drie jaar, mits aan aanvullende voorwaarden voldaan.⁶
B.V.: winst in VPB, uitkering in box 2
De B.V. betaalt vennootschapsbelasting over haar winst: 19% over de eerste €200.000 en 25,8% over het meerdere.¹⁰ Als jij als DGA dividend uitkeert, betaal je in box 2: 24,5% over de eerste €67.000 aan dividendinkomen en 33% over het meerdere (tarieven 2025).¹²
Bovendien moet je als DGA jezelf een gebruikelijk loon toekennen van minimaal €56.000 bruto per jaar (2025), dat belast wordt in box 1.¹³
Kritiek punt: het urencriterium
Als je zowel een eenmanszaak als een B.V. drijft, tellen de uren die je aan de B.V. besteedt in jouw hoedanigheid als DGA-werknemer niet mee voor het urencriterium van de eenmanszaak.² Het urencriterium kijkt alleen naar de uren besteed aan de onderneming waarvoor je de faciliteit wil claimen.³
In de praktijk betekent dit: als je 40 uur per week fulltime als DGA voor je B.V. werkt en nog 10 uur per week aan je eenmanszaak besteedt, kom je op 520 uur per jaar voor de eenmanszaak — ver onder de drempel van 1.225 uur. Je verliest dan het recht op zelfstandigenaftrek.³ ²³
Vuistregel: Als je de eenmanszaak naast een B.V. wil aanhouden én de zelfstandigenaftrek wil claimen, moet je aannemelijk kunnen maken dat je minimaal 1.225 uur per jaar aan de eenmanszaak besteedt, los van de uren voor de B.V. Bij fulltime DGA-werkzaamheden is dat nagenoeg onmogelijk.
Rekenvoorbeeld: hetzelfde inkomen, twee structuren
Stel: Bas is zzp'er (bouwadviseur) met een winst van €150.000 uit zijn eenmanszaak. Hij overweegt een B.V. op te richten maar wil de eenmanszaak voorlopig aanhouden voor bestaande klanten.
Scenario A: Alleen eenmanszaak (winst €150.000)
| Post | Bedrag |
|---|---|
| Winst | €150.000 |
| MKB-winstvrijstelling (13,31%) | −€19.965 |
| Belastbare winst | €130.035 |
| IB box 1 (effectief ~43%) | ~€55.900 |
| Netto over | ~€94.100 |
De zelfstandigenaftrek is hier buiten beschouwing gelaten omdat Bas ook DGA-uren maakt in scenario B.
Scenario B: Hetzelfde werk via B.V. (winst €150.000 in B.V., DGA-salaris €56.000)
| Post | Bedrag |
|---|---|
| Omzet B.V. | €150.000 |
| DGA-salaris (kostenpost B.V.) | −€56.000 |
| VPB-grondslag | €94.000 |
| VPB (19%) | −€17.860 |
| Winst na VPB (beschikbaar voor dividend) | €76.140 |
| IB over salaris (effectief ~36%) | ~€20.160 |
| Box 2 bij dividenduitkering (24,5% over €67.000 + 33% over €9.140) | ~€19.430 |
| Totale belastingdruk | ~€57.450 |
| Netto over | ~€92.550 |
Bij €150.000 winst is het verschil in dit voorbeeld beperkt — de B.V. is iets voordeliger, maar het voordeel wordt kleiner als je ook de kosten van de B.V. meerekent (accountant, notaris, KvK, juridisch advies: reken op €3.000–€7.000 per jaar extra). Pas boven de €100.000–€120.000 winst én bij een vermogensopbouwdoelstelling begint de B.V. structureel aantrekkelijker te worden. Meer over die afweging lees je in ons artikel over wanneer een B.V. voordeliger is dan een eenmanszaak.
Administratieve verplichtingen: dubbele lasten
Als je beide structuren aanhoudt, heb je ook dubbele administratieve verplichtingen. Dat is iets wat veel ondernemers onderschatten.
Eenmanszaak:
- Jaarlijkse aangifte inkomstenbelasting met winstaangifte
- Btw-aangifte (kwartaal of maand) over eenmanszaak-omzet²⁰
- Urenregistratie als je ondernemersfaciliteiten wil claimen
- Bewaarplicht administratie (7 jaar)
B.V.:
- Jaarlijkse aangifte vennootschapsbelasting
- Jaarrekening opstellen (deponeren bij KvK)
- Loonadministratie voor DGA-salaris (maandelijkse loonbelasting-aangifte)¹³
- Btw-aangifte voor B.V.-omzet²⁰
- Notulen van aandeelhoudersvergadering bij dividenduitkeringen
- Bewaarplicht administratie (7 jaar)
In de praktijk betekent dit twee sets boekhouding, twee btw-aangiften, twee aangifte-trajecten. Rekening houdend met de extra accountantskosten voor de B.V.-jaarrekening, is de combinatie alleen de moeite waard als er inhoudelijke reden voor is — niet als administratieve gemakzucht.
Vuistregel: Houd de eenmanszaak alleen aan als er een concrete functionele reden voor is. "Misschien heb ik hem nog nodig" is geen goed argument — het kost administratieve tijd en vergroot de kans op fouten in de belastingaangiften.
De terbeschikkingstellingsregeling: een veelgemaakte fout
Een specifiek fiscaal risico bij de combinatie van eenmanszaak en B.V. is de terbeschikkingstellingsregeling (TBS) van artikel 3.91 Wet IB 2001.²¹ Die regeling bepaalt dat als jij als aandeelhouder een vermogensbestanddeel (pand, machine, auto, geldlening) beschikbaar stelt aan jouw eigen B.V., de opbrengsten daaruit niet worden belast als resultaat uit overige werkzaamheden — en dus niet als ondernemer, maar ook niet als box 3.
Voorbeeld: je hebt een bedrijfspand in de eenmanszaak en verhuurt dat aan je eigen B.V. Die huurinkomsten vallen onder de TBS-regeling. Dat kan gunstig of ongunstig uitpakken afhankelijk van de situatie, maar het is cruciaal dat je dit van tevoren weet en niet achteraf ontdekt via de Belastingdienst.²¹
Laat bij een combinatie van eenmanszaak en B.V. altijd een adviseur kijken of er vermogensbestanddelen zijn die de TBS-regeling triggeren.
Wat bij gedeeltelijke staking van de eenmanszaak?
Als je een deel van de activiteiten van de eenmanszaak inbrengt in de B.V. maar de rest aanhoudt, is er sprake van een gedeeltelijke staking.¹⁸ Fiscaal gezien moet je dan afrekenen over de stille reserves in het gestaakte deel van de onderneming — tenzij je gebruik maakt van de geruisloze inbreng (art. 3.65 Wet IB 2001), die doorschuiving van die afrekening mogelijk maakt.⁷
De geruisloze inbreng is een specifieke faciliteit met voorwaarden (onder andere: de B.V. moet ten minste drie jaar de onderneming voortzetten, en je moet aandelen ontvangen voor de inbreng). Als je die route kiest, loont het om de eenmanszaak volledig in te brengen en niet slechts gedeeltelijk — een gedeeltelijke inbreng maakt de regeling administratief complexer en kan discussie uitlokken met de Belastingdienst.⁷
Vuistregel: Wil je de eenmanszaak gedeeltelijk omzetten naar een B.V.? Laat vooraf beoordelen of volledige inbreng via art. 3.65 Wet IB 2001 niet eenvoudiger en fiscaal voordeliger is dan de combinatie langdurig aanhouden.
Wanneer moet je de eenmanszaak wél uitschrijven?
Er zijn situaties waarin je de eenmanszaak beter kunt uitschrijven bij de KvK:
- De eenmanszaak heeft geen actieve activiteiten meer en de B.V. heeft alle opdrachten overgenomen. Doorlopen leidt tot onnodige administratieve verplichtingen.
- Je kunt het urencriterium niet meer halen omdat je fulltime als DGA werkzaam bent. De zelfstandigenaftrek vervalt toch, en de combinatie levert alleen kosten op.
- De activiteiten overlappen met die van de B.V., wat onduidelijkheid geeft over welke entiteit de opdrachtgever moet factureren — en daarmee btw- en VPB-discussies kan uitlokken.¹⁶
Uitschrijven bij de KvK is niet hetzelfde als staken van de onderneming voor de belasting. Als je de eenmanszaak fiscaal staakt, moet je afrekenen over eventuele stakingswinst (stille reserves, goodwill, pensioenreserves).¹⁸ Dat is een apart traject dat belastingadvies vereist.
Conclusie
Een eenmanszaak en een B.V. tegelijk aanhouden is juridisch toegestaan en kan in specifieke situaties zinvol zijn: bij activiteitensplitsing, een gefaseerde omzetting of een kleine nevenactiviteit naast een B.V. In de meeste gevallen is de combinatie echter tijdelijk en leidt ze uiteindelijk tot een keuze.
De grootste valkuilen zijn het verlies van de zelfstandigenaftrek door niet halen van het urencriterium, onverwachte gevolgen via de TBS-regeling en onnodige dubbele administratiekosten. De combinatie is geen vrije lunch — ze vraagt om een bewuste fiscale keuze, niet om uitstel van die keuze.
Overweeg je een B.V. op te richten én weet je niet zeker wat er met je eenmanszaak moet gebeuren? De adviseurs van NaarBV.nl (ex-EY, Deloitte en KPMG) beoordelen jouw specifieke situatie en geven je een concreet advies — zonder generieke praatjes. Plan een gratis gesprek.
