Kennisbank

Omzetting en vermogensrendementsheffing: impact op box 3

Bij omzetting naar B.V. verschuift vermogen van box 1 naar box 2. Wat betekent dat voor je box 3-positie?

HH
Hussain Hussain · Fiscalist · Ex-EY & Deloitte
Bijgewerkt: juni 2026

Wie zijn eenmanszaak of vof omzet naar een B.V. denkt doorgaans aan vennootschapsbelasting, DGA-salaris en de holdingstructuur. Wat velen over het hoofd zien, is de directe impact op hun box 3-positie. De omzetting is namelijk niet alleen een fiscale herschikking van bedrijfsvermogen — ze verandert ook structureel hoe jouw privévermogen wordt belast, en wat er met gemengde vermogensbestanddelen (spaartegoeden, beleggingen, privé-onroerend goed) daarna gebeurt.

Dit artikel legt precies uit wat er op het moment van omzetting fiscaal-technisch verandert in box 3, welke kansen dat biedt, en wat de valkuilen zijn.

Wat verandert er fiscaal bij omzetting?

Als ondernemer in een eenmanszaak of vof zit je belastbare winst in box 1: belast tegen het progressieve tarief van maximaal 49,5%.³ Ondernemingsvermogen — de activa en passiva die je in de onderneming gebruikt — valt niet in box 3. De rangorderegeling van de Wet IB 2001 zorgt ervoor dat vermogen dat in box 1 valt (ondernemingsvermogen) niet ook in box 3 wordt betrokken.¹⁴ Zolang je als IB-ondernemer werkt, maakt je zakelijke vermogen geen deel uit van de rendementsgrondslag in box 3.⁸

Na de omzetting naar een B.V. — via de geruisloze route van art. 3.65 Wet IB 2001¹ of via een ruisende inbreng — geldt het omgekeerde: het (voormalige) ondernemingsvermogen zit nu in de B.V. Jij houdt aandelen. Die aandelen vormen een aanmerkelijk belang in de zin van art. 4.6 Wet IB 2001¹⁰ — en aanmerkelijkbelangandelenvallen buiten de rendementsgrondslag van box 3. Ze worden in box 2 belast op het moment dat je dividend ontvangt of aandelen verkoopt.¹¹

Het netto-effect: je ondernemingsvermogen verdwijnt volledig uit box 1 én blijft ook buiten box 3. Op het moment van de omzetting zelf verander je niets aan je box 3-positie.

Maar daar begint het verhaal pas.

Privévermogen: hoe het vóór en ná omzetting wordt belast

De echte verschuiving vindt niet plaats in het bedrijfsvermogen zelf, maar in hoe je privévermogen fiscaal kwalificeert na de omzetting.

Vóór de omzetting

Als IB-ondernemer heb je de keuzevrijheid om bedrijfsgerelateerde vermogensbestanddelen toe te rekenen aan het ondernemingsvermogen of het privévermogen. Dit is de vermogensetiketteringsleer. Vermogen dat zakelijk kwalificeert maar waarvoor je kiest het privé te houden, valt in box 3. Vermogen dat je etiketteert als ondernemingsvermogen, valt in box 1 — en valt buiten de box 3-grondslag.³ ¹⁴

Een eenmanszaak met €300.000 aan werkkapitaal op een zakelijke bankrekening heeft die €300.000 in box 1. Dezelfde ondernemer met €100.000 op een privéspaarrekening heeft die €100.000 in box 3 (boven het heffingvrij vermogen van €57.684 per persoon⁹).

Ná de omzetting

Na omzetting naar een B.V. houdt je op IB-ondernemer te zijn. De vrijheid van vermogensetikettering verdwijnt. Wat nu zakelijk is, zit in de B.V. Wat privé is, is privé — en valt in box 3.⁶ ⁷

Dat klinkt logisch, maar creëert twee concrete effecten:

Effect 1 — Privévermogen krimpt niet meer weg achter zakelijke etikettering. Als IB-ondernemer konden sommige vermogensbestanddelen zakelijk worden geclaimd om ze buiten box 3 te houden. Die mogelijkheid bestaat na omzetting niet meer. Vermogen dat je na de omzetting privé aanhoudt, is volledig zichtbaar in box 3.

Effect 2 — Kasstromen veranderen van richting. Voor omzetting: winst stroomt direct naar jou als ondernemer en verhoogt (na betaling van IB) je privévermogen — en daarmee de box 3-grondslag volgend jaar. Na omzetting: winst blijft in de B.V. Je privévermogen groeit alleen nog als je expliciet dividend uitkeert of salaris ontvangt.²¹ Dit remt de automatische jaarlijkse groei van je box 3-grondslag — wat gunstig is.

Vuistregel: De omzetting naar B.V. bevriest de aanwas van je box 3-grondslag — want winsten blijven voortaan in de B.V. en verhogen je privévermogen pas na dividenduitkering of salaris. Dat is een structureel voordeel ten opzichte van de situatie als IB-ondernemer.

De terbeschikkingstellingsregeling: de verborgen box 1-val

Een aspect dat vaak over het hoofd wordt gezien: als je na de omzetting pand of andere vermogensbestanddelen privé houdt én die verhuurt aan je eigen B.V., kom je terecht in de terbeschikkingstellingsregeling (TBS) van art. 3.92 Wet IB 2001.¹³

TBS-inkomen is belast in box 1 — niet in box 3 — als resultaat uit overig werk. Dat betekent:

  • De huurinkomsten uit het pand dat je aan je B.V. verhuurt, worden belast tegen het progressieve tarief (maximaal 49,5%), niet tegen het box 3-forfait.
  • De waarde van het TBS-pand telt niet mee in de box 3-rendementsgrondslag.⁸ ¹⁴

Dit klinkt als nadeel (box 1 is duurder dan box 3-forfait), maar dat is niet altijd zo. Het hangt af van:

  1. De actuele huurstroom versus de WOZ-waarde van het pand.
  2. Of het werkelijke rendement op het pand hoger of lager is dan het box 3-forfait voor onroerend goed (ca. 6% in 2025).²⁴

Bij een pand met een WOZ-waarde van €500.000 en een nettohuurstroom van €15.000 per jaar naar je B.V., is de TBS-winst €15.000 belast in box 1. In box 3 zou het forfait op dat pand ca. €30.000 zijn (6% × €500.000), belast tegen 36% = €10.800 belasting. Met TBS betaal je 49,5% × €15.000 = €7.425. Hier wint TBS het dus van box 3.²⁴

Maar omgekeerd: bij een rendementspand dat 8% nettorendement oplevert (€40.000 huurinkomen op een pand van €500.000), is TBS zwaarder: 49,5% × €40.000 = €19.800, versus box 3: 36% × 6% × €500.000 = €10.800.

Vuistregel: Verhuur je na de omzetting privévermogen aan je eigen B.V.? Vergelijk altijd de TBS-belastingdruk met de box 3-belastingdruk. Bij lage huuropbrengsten relative aan de WOZ-waarde is TBS goedkoper. Bij hoge opbrengsten is box 3 (of onderbrenging in de B.V. zelf) gunstiger.

Concreet rekenvoorbeeld: omzetting en box 3-impact

Stel: Mark is ZZP'er met de volgende vermogenssituatie vóór omzetting.

VermogensbestanddeelWaardeBox vóór omzetting
Zakelijke rekening-courant€80.000Box 1 (ondernemingsvermogen)
Privéspaarrekening€120.000Box 3
Privébeleggingsportefeuille€200.000Box 3
Eigen woning (niet-onderneming)€450.000Box 1 (eigenwoningregeling)
Hypotheekschuld eigen woning–€250.000Box 1

Box 3-grondslag vóór omzetting: €120.000 + €200.000 = €320.000. Minus heffingvrij vermogen €57.684 = €262.316 belastbare grondslag. Forfait beleggingen ca. 5,88%: €15.432. Belasting box 3: 36% × €15.432 = €5.556 per jaar.⁷

Na de omzetting verdwijnt de zakelijke rekening-courant van €80.000 naar de B.V. (ingebracht als kapitaal). Marks box 3-grondslag wordt niet hoger door de omzetting; het zakelijke geld was al buiten box 3. Maar voortaan stroomt zijn winst naar de B.V. in plaats van naar zijn privérekening. Als Mark in jaar 1 na omzetting een winst van €150.000 boekt in de B.V. en geen dividend uitkeert, groeit zijn privévermogen dat jaar niet (buiten zijn DGA-salaris). Zijn box 3-grondslag blijft op ca. €320.000 — terwijl hij als IB-ondernemer bij dezelfde winst misschien €80.000 netto privé had ontvangen en zijn box 3-grondslag volgend jaar met datzelfde bedrag was gegroeid.

Over 5 jaar accumulerend leidt de structureel tragere aanwas van de box 3-grondslag tot een belastingbesparing in box 3 van potentieel €3.000–€8.000 per jaar — afhankelijk van DGA-salaris en dividendbeleid.

Privévermogen dat al in box 3 zit: wat doe je ermee?

De omzetting zelf verplaatst géén privévermogen. Spaartegoeden, beleggingen en privé-onroerend goed dat al in box 3 zat, blijven in box 3. De omzetting geeft je echter wél een nieuw instrument: de B.V. als vermogensvehikel.

Of het verstandig is om privévermogen na de omzetting vanuit box 3 naar de B.V. te verplaatsen, is een aparte afweging. Lees daarvoor ons artikel over box 3-vermogen naar een B.V. voor een volledige doorrekening.

Wat wél direct relevant is bij de omzettingsdatum:

Peildatum-effect in box 3

De box 3-grondslag wordt vastgesteld op 1 januari van het belastingjaar.⁸ Als je omzetting plaatsvindt op, zeg, 1 juli 2025, telt het ondernemingsvermogen dat op 1 januari 2025 al buiten box 3 viel als zodanig voor heel 2025. Er is geen tussentijdse herberekening van de grondslag op de omzettingsdatum.²⁴

Dit betekent:

  • Als op 1 januari 2025 al het ondernemingsvermogen correct als zodanig was geadministreerd, verandert de box 3-aanslag over 2025 niet door de omzetting per 1 juli.
  • Als je door de omzetting per 1 januari 2026 plotseling geen IB-ondernemer meer bent, en jij privévermogen had geclaimd als ondernemingsvermogen, moet je dat per 1 januari 2026 corrigeren in je box 3-aangifte.

Vuistregel: Zorg dat je box 3-aangifte over het omzettingsjaar klopt. Controleer welk vermogen op 1 januari van het omzettingsjaar als ondernemingsvermogen was geëtiketteerd. Dat blijft buiten box 3 voor dat hele jaar — ongeacht wanneer in het jaar de omzetting plaatsvindt.

Terugwerkende kracht en box 3

De geruisloze omzetting via art. 3.65 Wet IB 2001 kan onder voorwaarden terugwerkende kracht krijgen tot maximaal 1 januari van het lopende jaar.¹ Dat heeft gevolgen voor box 3.

Als de omzetting terugwerkt tot 1 januari, wordt de ondernemer fiscaal geacht op 1 januari geen IB-ondernemer meer te zijn geweest voor wat betreft de ingebrachte onderneming. Dat kan betekenen dat vermogen dat op 1 januari al was ingebracht in de B.V. (met terugwerkende kracht), ook voor de box 3-peildatum buiten de grondslag valt.

In de praktijk is dit een punt van afstemming met de Belastingdienst: wat valt er op 1 januari exact in de box 3-grondslag wanneer de omzetting terugwerkt? Laat dit helder vastleggen in de openingsbalans van de B.V. en de aangifte IB over het omzettingsjaar. Onjuiste kwalificatie op de peildatum leidt tot correcties met terugwerkende kracht — en mogelijk rente.

Gecombineerde belastingdruk vóór en ná omzetting: de grote vergelijking

Onderstaande tabel geeft de gecombineerde fiscale druk voor een ondernemer met €150.000 jaarwinst en €300.000 privévermogen in box 3 (beleggingen, boven heffingvrij vermogen), in twee scenario's.

PostEenmanszaakB.V. (DGA-salaris €56.000, rest dividend)
Winst voor belasting€150.000€150.000
IB/VPB over winstca. €61.000 (IB box 1, 40,7% effectief)ca. €18.050 (VPB 19% over €95.000 na salaris)
DGA-salaris belast in box 1ca. €17.500 (effectief tarief ~31%)
Resterende nettowinst in B.V.ca. €76.950 (beschikbaar voor herinvestering of dividend)
Box 3-heffing op €300.000 privébeleggingen€6.350 (36% × 5,88% × €300.000)€6.350 (ongewijzigd: privévermogen niet veranderd)
Groei box 3-grondslag volgend jaar+€80.000 netto privé ontvangen (winst na IB)+€0 (winst blijft in B.V., geen dividend dit jaar)
Box 3-heffing jaar 2 (grondslag + €80k)€8.025€6.350 (grondslag gelijk)

Het directe verschil in box 3 is in jaar 1 nihil — want het privévermogen is hetzelfde. Maar het indirecte effect is significant: door de winst in de B.V. te houden, groeit de box 3-grondslag niet automatisch mee. Dat levert bij een winst van €150.000 en een behouden dividend politiek over meerdere jaren cumulatief duizenden euro's box 3-besparing op.

Wat te doen: checklist voor box 3 rondom de omzetting

  1. Controleer de vermogensetikettering vóór de peildatum (1 januari). Welke activa tellen op 1 januari als ondernemingsvermogen, en welke als privé? Leg dit vast vóór aangifte.
  2. Beslis over pand/beleggingen die je privé houdt. Verhuur je die aan de B.V.? Dan kom je in TBS (box 1). Breng je ze in de B.V.? Dan worden ze VPB-plichtig. Houd je ze volledig privé buiten de B.V.? Dan blijven ze in box 3.
  3. Inventariseer privé schulden die als TBS-schuld kunnen kwalificeren. Een lening die je privé aan je B.V. verstrekt valt ook onder TBS en loopt via box 1, niet box 3.¹³
  4. Stem het dividendbeleid af op je box 3-situatie. Hoe minder dividend je uitkeert, hoe minder je box 3-grondslag groeit — tenzij je het cash liever toch privé wil hebben.
  5. Anticipeer op de peildatum bij terugwerkende kracht. Als de omzetting terugwerkt tot 1 januari, laat dan vastleggen hoe de box 3-aangifte over dat jaar eruitziet.

Conclusie

De omzetting naar een B.V. heeft geen directe impact op het box 3-vermogen dat je al privé aanhoudt — spaartegoeden en beleggingen blijven in box 3. Wat wél verandert, is de dynamiek: winsten vloeien niet langer automatisch naar je privévermogen en verhogen daarmee niet elk jaar de box 3-grondslag. Dat is een structureel voordeel dat voor actieve ondernemers met een serieus bedrijfsresultaat in de loop van jaren kan optellen tot tienduizenden euro's minder box 3-belasting.

Daarnaast creëert de omzetting nieuwe keuzes: breng je privévermogen in de B.V. voor een beter compounding-effect, of houd je het in box 3? En hoe ga je om met panden of beleggingen die via de TBS-regeling een box 1-stempel krijgen?

Al deze keuzes hebben gevolgen die jaren doorwerken. Laat ze dan ook niet over aan de aangifte-software. Plan een gratis adviesgesprek — onze adviseurs (ex-EY, Deloitte en KPMG) doorlopen de vermogenspositie vóór en ná omzetting met je door en leggen je de exacte fiscale gevolgen voor box 3 voor.


Vragen over dit onderwerp?

Plan een vrijblijvend gesprek met onze fiscalisten.

Plan een gesprek